Als student Commerciële Economie leer ik dagelijks kijken naar de ‘customer journey’. Maar heb je er wel eens bij stilgestaan dat een stad eigenlijk één grote klantreis is voor haar bewoners? Loop door een gemiddeld grijs stadscentrum en je ‘user experience’ is vaak verre van optimaal: hittestress in de zomer, wateroverlast bij een hoosbui en nergens een plek om rustig te zitten. Dat is niet alleen slecht voor het klimaat, het is ook gewoon slechte citymarketing.
We staan op een kantelpunt. De vraag naar duurzaam wonen is groter dan ooit en steden die niet meebewegen, verliezen hun aantrekkingskracht op talent en bedrijven. Gelukkig hoeven we niet altijd te wachten op miljardenprojecten die pas in 2050 klaar zijn. Er zijn “quick wins” die we vandaag al kunnen toepassen om de grijze betonmassa om te toveren in een groene oase. In dit artikel duiken we in zeven slimme ingrepen die direct impact maken.
De directe winst van verticaal groen en water
De eerste en meest zichtbare stap is het benutten van ongebruikte oppervlaktes. Waarom zijn daken en gevels nog zo vaak leeg?
Door in te zetten op verticale bossen en groene daken, pakken we meerdere problemen tegelijk aan. Ten eerste isolatie: groene daken houden warmte vast in de winter en koelte in de zomer, wat direct scheelt op de energierekening. Ten tweede fungeren ze als waterbuffers tijdens piekbuien, wat de druk op het riool verlicht. Maar vanuit een marketingperspectief is de esthetische waarde misschien wel het belangrijkst. Een groen gebouw ziet er niet alleen futuristisch uit, het verhoogt ook direct de vastgoedwaarde van de hele straat. Het transformeren van grijze muren naar levende ecosystemen is een investering die zich op sociaal én economisch vlak terugverdient.

Ruimte voor de mens: Mobiliteit als service
Een leefbare stad is een stad waar de mens centraal staat, niet de auto. Dit klinkt misschien als een politiek statement, maar het is pure logica als je kijkt naar de inrichting van de openbare ruimte.
Door straten autoluw te maken en voorrang te geven aan fietsers en voetgangers, creëer je ruimte voor ontmoeting. Denk aan pocket parks, bredere trottoirs en veilige fietspaden. Dit nodigt uit tot bewegen en sociaal contact, wat essentieel is voor de mentale gezondheid van bewoners (zie de afbeelding hierboven). Voor lokale ondernemers is dit ook goed nieuws: voetgangers en fietsers besteden gemiddeld meer in lokale winkels en horeca dan automobilisten die alleen maar passeren. We moeten mobiliteit gaan zien als een service (MaaS), waarbij deelvervoer en goed OV de standaard zijn, zodat kostbare vierkante meters asfalt teruggegeven kunnen worden aan de stad.

Van kostenpost naar verdienmodel
Vaak wordt duurzaamheid in de bestuurskamers nog gezien als een dure kostenpost. “Leuk dat groen, maar wie gaat dat betalen?” Die mindset is ouderwets. Als we kijken naar de toekomst van Urban Tomorrow, dan zien we dat een groene stad juist een sterk verdienmodel is.
Een klimaatbestendige stad heeft minder schade door extreem weer. Een gezonde stad heeft productievere inwoners en lagere zorgkosten. En een aantrekkelijke stad trekt toerisme en innovatieve startups aan. De zeven ingrepen – van geveltuinen en waterpleinen tot autoluwe zones en circulaire afvalsystemen – zijn geen linkse hobby’s, maar harde economische noodzaak. Voor ons als toekomstige professionals ligt hier de schone taak om deze transitie niet alleen te ontwerpen, maar ook te verkopen aan het grote publiek. Want uiteindelijk wil iedereen, van student tot CEO, wonen in een stad die klaar is voor morgen.


Geef een reactie